De
Zucht van de Moor Dit
verhaal schreef ik tijdens de Schrijf Marathon in februari 2008,
een initiatief van de website-forum Zinniger
Zinnen.
Wat hebben een geschiedenisleraar in relatiecrisis en de laatste sultan van Granada met elkaar gemeen?
Tijdens zijn vakantie in Andalusië krijgt Hessel een obscure drug in handen, een paar druppels brengen hem ruim vijf eeuwen terug in het verleden. Die had hij nooit moeten nemen, maar de negatieve energie tussen hem en zijn vriendin Hanna en zijn fascinatie voor het het Arabische Andalusië waarin de reconquista speelt, breekt zijn verzet. Een uitstapje terug in de tijd lokt hem zelfs aan. Zonder enig besef welk risico hij neemt, zet hij zijn gezondheid en zijn relatie op het spel. Want na die eerste reis terug volgen er meer.
Hessels fascinatie verandert in obsessie als hij de laatste sultan, Boabdil en zijn geliefde vrouw Morayma ontmoet en met hen in gesprek raakt. Hij is aanwezig bij de overgave van Granada aan Isabella en Ferdinand, de katholieke koningen in het Alhambra, en op tal van andere plaatsen die een belangrijke rol speelden in de geschiedenis van Al-Andalus.
Intussen weet Hanna niets van de tijdreizen die haar vriend stiekem maakt, maar merkt op dat hij verandert. Ze bereikt hem niet meer. Wanneer Hessels heden en verleden steeds meer door elkaar beginnen te lopen en hij de uitputting nabij is, begrijpt hij dat het om iets heel anders gaat.
De zucht van de Moor berust op Andalusische legendes. Het gaat over een moderne relatie, een onverwerkte jeugd en Hessels ontdekking dat iedere mens, door de eeuwen heen, ondanks religie en tijd dezelfde behoeften heeft.
Reis naar het zuiden Tijdens de Schrijf Marathon in februari 2009,
een initiatief van de website-forum Zinniger
Zinnen schreef ik dit verhaal voor lezers van tien tot tachtig
De twaalfjarige Jolly moet voor een harttransplantatie met zijn ouders, Ralf en Martje, naar Nederland. Zijn drie honden Noysi, Mona en Popov kunnen niet mee, maar mogen logeren bij oom Hans en tante Hetta die in de buurt van Madrid wonen, ruim 400 km. noordelijker dan Jol's woonplaats in de Sierra Nevada. Echt gelukkig zijn de honden daar niet. Op een dag staat de tuindeur op een kier en ontsnappen ze. Jolly heeft net zijn nieuwe hart en moet rust houden, maar uit pure frustratie en angst om zijn honden verzint hij wat zijn drie honden onderweg beleven. Het wordt een spannende reis.
Luchtwortels: Deze tuinthriller begon ik in 2004 te schrijven. Tot op heden heb ik er nog geen uitgever voor weten te interesseren.
Voor liefhebbers van tuinen en een spannend verhaal.
Citaat: "Daar hangt ze dan vlak naast die rare, houtige gedrochten van wortels alsof ze één van hen is. Meteen moet ze denken aan pa's bizarre fantasieën. 'Het zijn net kinderen, die met vergroeide ruggetjes op het droge trachten te klauteren.' Hij had gelijk gehad. Er waren mensen vlakbij in de ijskelder gestorven en daar verdroogd tot mummies. Zij hadden nooit de kans gekregen aan hun eigen dood te ontsnappen. Roos wel.Nu ze weet waar ze is voelt ze pa's nabijheid opeens heel sterk. Hier, op deze plek had ze immers vijfentwintig jaar geleden tussen de luchtwortels zijn as uitgestrooid."
In Roos Bloemendaals jeugd was haar vader tuinman op het landgoed Vaart en Vecht nabij Breukelen. Ze is dertien als ze hem op een dag dood in de broeikas vindt en na zijn crematie diens as tussen de luchtwortels van de moerascipres op het landgoed uitstrooit. Dat is haar grote geheim, net als de overtuiging dat haar vader vermoord werd door de baron, al ontbreekt daarvan ieder bewijs.
Vijfentwintig jaar later, anno 2000, heeft een projectontwikkelaar zes appartementen gebouwd op het landgoed. Roos komt in dienst als tuinman van de nieuwe bewoners. Terug in de tuin van haar jeugd begint ze haar vaders dood te verwerken, gesteund door Fleur, haar levensgezellin en rots in de branding.
De elf bewoners, de Vaart en Vechters, willen graag een tuin, zonder er zelf iets in te hoeven doen en zijn vooral met zichzelf bezig. Ongewild raakt Roos steeds meer bij hun levens betrokken.